De Europese industrie ondervindt toenemende druk van Chinese export. Volgens FME sluiten de Europese handelsbeschermingsmaatregelen onvoldoende aan op de snelheid en omvang van die ontwikkeling. De brancheorganisatie pleit voor sneller ingrijpen bij oneerlijke concurrentie.
In een opinieartikel wijzen FME-voorzitter Theo Henrar en belangenbehartiger Geoffroy Feij op de groeiende handelsongelijkheid. Tussen 2020 en 2025 nam de Chinese export naar de EU volgens de aangehaalde cijfers met 43 procent toe. Het Europese handelstekort met China bedraagt inmiddels 1,2 miljard euro per dag. De concurrentie raakt steeds vaker producenten van machines, auto’s en elektrische componenten.
Staatssteun verstoort concurrentie
FME verwijst naar OESO-onderzoek waaruit blijkt dat Chinese bedrijven gemiddeld zesmaal zoveel staatssteun ontvangen als Europese ondernemingen. Daarnaast zorgen Chinese exportrestricties op onder meer zeldzame aardmetalen en permanente magneten voor onzekerheid over de beschikbaarheid van strategische materialen. Daarmee spelen zowel concurrentie op de afzetmarkt als afhankelijkheid in de toeleveringsketen een rol.
Verschillende instrumenten voor marktverstoring
De EU beschikt over verschillende middelen om haar industrie te beschermen. Antidumpingmaatregelen richten zich op invoer tegen prijzen onder de normale waarde. Antisubsidiemaatregelen kunnen worden ingezet wanneer buitenlandse overheidssteun Europese producenten schade berokkent. Daarvoor onderzoekt de Europese Commissie onder meer de schade en het verband met de betreffende invoer. Ook weegt zij het Europese belang mee.
Daarnaast bestaan vrijwaringsmaatregelen bij een sterke importstijging die ernstige schade veroorzaakt of dreigt te veroorzaken. Deze bieden een getroffen bedrijfstak tijdelijk ruimte om zich aan te passen. Daarbij hoeft geen sprake te zijn van dumping of subsidiëring.
Volgens FME schiet vooral de uitvoering tekort: procedures duren te lang, onderzoekscapaciteit is beperkt en maatregelen zijn te eenvoudig te omzeilen. De organisatie bepleit snellere onderzoeken, meer capaciteit en een bredere aanpak van structurele marktverstoringen. China blijft daarbij volgens FME een belangrijke handelspartner; volledige ontkoppeling is niet het uitgangspunt.