Waterstof is veel meer dan een duurzame energiedrager. Volgens FME kan het uitgroeien tot een belangrijke economische motor voor Nederland én de maakindustrie. Daarvoor is wel consistent beleid nodig dat investeringen stimuleert en de aanleg van waterstofinfrastructuur versnelt.

Waterstof speelt een cruciale rol in sectoren waar volledige elektrificatie lastig is, zoals de zware industrie en het transport. Bovendien kan het een brug slaan tussen duurzaam opgewekte elektriciteit en industriële toepassingen. Daarmee vormt waterstof een belangrijk onderdeel van een toekomstbestendig energiesysteem.

Nederland heeft volgens FME een sterke uitgangspositie. De combinatie van een hoogwaardige maakindustrie, kennisinstellingen, bestaande gasinfrastructuur en expertise op het gebied van elektrolysetechnologie biedt kansen om uit te groeien tot de waterstofhub van Europa. Dat levert niet alleen voordelen op voor de energietransitie, maar creëert ook nieuwe marktkansen voor bedrijven die componenten ontwikkelen voor productie, opslag, transport en conversie van waterstof.

Toch is de doorbraak nog geen vanzelfsprekendheid. Groene waterstof is momenteel aanzienlijk duurder dan fossiele alternatieven. Om de markt op gang te brengen pleit FME voor een voorspelbaar beleidskader tot minimaal 2050, gerichte subsidieregelingen, snellere vergunningverlening en een versnelling van de aanleg van de Nederlandse en internationale waterstofinfrastructuur.

Volgens de brancheorganisatie kan juist de zware industrie de eerste grootschalige afnemer worden. Wanneer vraag en aanbod tegelijkertijd groeien, dalen de kosten en ontstaat een gezonde markt waarin ook de Nederlandse maakindustrie een leidende rol kan spelen.