Draaiboek moet bedrijven helpen bij noodsituaties
Een kwart van de Nederlandse bedrijven heeft in grote of zeer grote mate schade geleden door noodsituaties, zoals uitval van stroom of internet. Dat blijkt uit nieuw onderzoek in opdracht van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat. Tegelijkertijd verwacht één op de drie bedrijven dat de kans op een noodsituatie de komende tijd groot of zeer groot is.
Om bedrijven te helpen zich daarop voor te bereiden, is de campagne Denk vooruit gestart. De centrale vraag: blijft het bedrijf draaien als Nederland tijdelijk uitvalt? Denk daarbij aan situaties waarin stroom, water, internet of telecommunicatie 72 uur niet beschikbaar zijn, maar ook aan oorlogsdreiging, grootschalige cyberaanvallen of economische sancties.
De campagne begint met de Nationale Draaiboekenweek. Doel is bedrijven te stimuleren een eigen draaiboek te maken voor noodsituaties. Zo’n draaiboek moet duidelijk maken welke mensen, producten en systemen cruciaal zijn voor de continuïteit van het bedrijf.
Daarbij kijkt de campagne niet alleen naar het individuele bedrijf, maar ook naar de keten. Veel maakbedrijven zijn afhankelijk van leveranciers, klanten, logistieke partners en digitale systemen. Als één schakel uitvalt, kan dat gevolgen hebben voor meerdere bedrijven tegelijk.
Een derde aandachtspunt is de omgeving. Bedrijven maken deel uit van een straat, bedrijventerrein, regio of lokale gemeenschap. Tijdens een noodsituatie kan de vraag ontstaan wie afhankelijk is van het bedrijf en welke rol het bedrijf zelf kan spelen.
Volgens het onderzoek heeft inmiddels een vijfde van de bedrijven al voorzorgsmaatregelen genomen, een bedrijfscontinuïteitsplan opgesteld of kritische processen in kaart gebracht. De nieuwe campagne moet vooral bedrijven helpen die dat nog niet of slechts gedeeltelijk hebben gedaan.
Voor de mkb-maakindustrie is het thema herkenbaar. Productie, levering en service zijn sterk afhankelijk van energie, communicatie, transport en toeleveranciers. Juist daarom wordt voorbereiding op uitval van basisvoorzieningen steeds nadrukkelijker onderdeel van bedrijfscontinuïteit.