In een nieuw artikel analyseert ING de gevolgen van het coronavirus op de prijzen van basismetalen. De bank denkt dat de nieuwe gevallen van Covid-19 die worden gemeld uit Zuid-Korea, Italië, Iran en Japan zullen gaan zorgen voor druk op de prijzen.

Volgens de bank schuilt het gevaar niet direct in de impact die de genoemde landen hebben op wereldwijde vraag en aanbod. Die is namelijk gering, zeker vergeleken met China waar het virus al langer de ronde doet. Maar dat is niet het hele verhaal. Sentiment speelt een rol. De bank hierover:

De uitverkoop van basismetalen in de afgelopen dagen weerspiegelt grotendeels de ‘angstfactor’ in bredere zin. Die angst zou toe kunnen nemen en meer invloed kunnen hebben op de wereldwijde economische vooruitzichten als Covid-19 zich nog verder verspreidt.

Italië, China en Europa

Aan de recente uitbraak in Italië wijdt de bank een apart stuk. Italië is dan op wereldschaal geen grote speler, maar in Europa wel. En als het coronavirus verder verspreidt in Europa kan dat gevolgen hebben voor de markt van basismetalen:

Italië verbruikt ongeveer 2% van het wereldwijde primaire aluminium en is de op één na grootste verbruiker binnen Europa. Het maakt een vergelijkbaar deel van het wereldwijde verbruik uit als het gaat om koper. Zowel de primaire koper- als de aluminiumproductie van het land is verwaarloosbaar. Wat de andere basismetalen betreft, is Italië een kleine speler op het wereldtoneel. Regionaal gezien is het land echter een vrij grote markt binnen Europa. Het is bijvoorbeeld de grootste gebruiker van lood op het continent.

Volgens de bank is het toch China waar het in dit verhaal om draait. Het land is verantwoordelijk voor de helft van alle vraag en aanbod van basismetalen. En het lijkt er op dat China de juiste maatregelen treft om die markt niet in te laten storten. Maar desondanks die maatregelen zullen prijzen de komende tijd wel verder onder druk komen te staan, zo verwacht de bank.