Volvo heeft een wereldprimeur met het verwerken van groen staal in een nieuwe elektrische truck die in het derde kwartaal van dit jaar van de band af rollen. Het is een logische eerste stap op weg naar een nog schonere productiewijze en een nog schoner eindproduct. In de nieuwe truck wordt vooralsnog eerst alleen de framerails van groen staal vervaardigd maar de producent heeft plannen om in de toekomst meer onderdelen van groen staal te vervaardigen. Het staal wordt geleverd door de Zweedse staalfabrikant SSAB.
De dagproductie in de Nederlandse industrie is in de maand mei met 10% gestegen vergeleken met de productie in dezelfde maand een jaar eerder. Hiermee is er al meer dan een jaar sprake van groei van de productie vergeleken met dezelfde periode een jaar eerder. Bovendien is de productiegroei zeker groot te noemen wanneer je de groei afzet tegen de lange termijncijfers. De groei in mei werd gerealiseerd in twee derde van de branche die meelopen in het onderzoek.
Met een stijging van maar liefst 28,8 procent in de maand mei ten opzichte van dezelfde maand een jaar eerder, zijn de prijzen in de maand mei bijna net zo sterk gestegen als in de recordmaand april. Wat de waarde van deze stijging van de afzetprijzen is, valt nog wel te bezien. De grote stijgingen in zowel april als mei zijn namelijk voor een zeer belangrijk deel te wijten aan de sterk gestegen kosten voor energie en transport. De stijging van de afzetprijzen in de laatste 8 maanden zijn ongekend groot. Door het snelle herstel na de COVID-crisis stegen de prijzen al enorm, de oorlog in Oekraïne zorgt ervoor dat de stijging nog extremer is.
Er ligt een grote opdracht voor de Nederlandse industrie. In 2050 moet ons land een circulaire economie hebben om een dreigende ondergang van de aarde het hoofd te bieden. Iedereen in Nederland moet hieraan zijn steentje bijdragen en dus ook de maakindustrie. Koninklijke Metaalunie heeft daarom samen met FME een adviesrapport opgesteld waarmee de branche 2,2 Megaton CO2 kan besparen en de milieudruk van de sector met 7% daalt ten opzichte van 2016. Bovendien wordt de concurrentiepositie van de sector door de adviezen versterkt.
De afnemende groei van de wereldeconomie en de daarmee samenhangende angst voor een recessie zorgt ervoor dat de prijzen voor diverse grondstoffen sterk zijn gedaald. Gunstig is daarbij dat de prijs voor een vat ruwe olie met een prijs van $112, $12 lager lag dan twee weken geleden. Koper, een andere belangrijke indicator voor de ontwikkeling van de grondstofprijzen, was gisterenmiddag $8550 en daarmee $1000 goedkoper dan begin juni. Al met al hebben de prijsdalingen ervoor gezorgd dat de prijzen op de termijncontractenmarkt volgens de Bloomberg Commodity Index met 10% gedaald zijn vergeleken met het begin van deze maand.
In de afgelopen jaren heeft de technologische industrie een enorme bloeiperiode meegemaakt. De toegevoegde waarde is in de afgelopen 5 jaar ieder jaar gemiddeld met 5% gegroeid. Daarmee is het mogelijk om in 2030 een verdubbeling van de toegevoegde waarde ten opzichte van 2010 te hebben gerealiseerd. Wanneer we kijken naar het aandeel van de technologische industrie in de economische groei in Nederland dan zie we dat het aandeel van de technologische industrie in de afgelopen 4 jaar is gegroeid van 4,5 naar 4,8%. Dat lijkt niet spectaculair maar wanneer we deze cijfers afzetten tegen de twintig jaar hiervoor waarbij het aandeel in de totale economie met een vol procentpunt afnam, dan kunnen we spreken over een krachtige groei.
Nadat in de maand maart nog een kleine daling van de export genoteerd werd, kan er in de maand april weer een kleine plus worden genoteerd. Ten opzichte van de maand april 2021 steeg de export met 3%. De rol van de metaalindustrie is daarbij positief. Samen met de chemische industrie zorgt de metaal dat er positieve resultaten geboekt werden. Op zich sowieso een bijzonder resultaat wanneer je ziet dat er in dezelfde maand een jaar eerder een recordexportgroei van bijna 24% werd gerealiseerd.
Zoals we al eerder schreven in de Metaalkrant, is men in het noorden van Europa druk bezig om staal op een groene wijze te produceren. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van waterstof als energiebron. Deze transitie heeft nogal wat voeten in aarde. Zo kan voor het verhitten van het productieproces niet zomaar worden omgeschakeld naar waterstof, maar ook voor de toepassing van cokes die nodig is om van ijzererts, ijzer te maken is een duurzaam alternatief nodig. Alles wordt uit de kast getrokken om fossielvrij staal te maken zonder dat daar een grammetje CO2 uitstoot bij vrij komt. Er is in het proces echter nog een belangrijke hobbel te nemen: hoe sla je de waterstof op die nodig is om te produceren wanneer er geen zonne- en windenergie is?
Twee grote Europese staalproducenten hebben aangegeven hun activiteiten te willen bundelen waardoor de grootste producent van staal in Europa ontstaat. Aperam is in 2011 losgemaakt van het Indiase ArcelorMittal en is op dit moment de op één na grootste staalleverancier in Europa en is zelfs de grootste in Zuid-Amerika. Het Spaanse Acerinox doet echter nauwelijks onder voor Aperam met een beurswaarde van 3,3 miljard euro en een omzet van 6,7 miljard euro die zelfs hoger is dan de omzet van Aperam. Door het samengaan van de twee bedrijven ontstaat een staalgigant die bijna de helft van de Europese markt in handen heeft.
Het CBS heeft in een recente publicatie bekend gemaakt dat de gemiddelde dagproductie in de maand april 13,7% hoger was dan dezelfde maand in 2021. De toename in april 2022 lag daarmee ook aanmerkelijk hoger dan de toename in de maand maart. De cijfers zijn nog altijd van een historisch hoog niveau. De groei is in de helft van alle branches van de industrie gemeten met een belangrijke uitschieter in de machinebouw waar een groei van 64,5% werd gemeten.
Uit cijfers van de NEVI Inkoopmanagersindex voor de Nederlandse industrie over de maand mei wordt duidelijk dat de groei in mei is afgenomen van 59,9 naar 57,8. Dat is de traagste groei sinds eind 2020. Oorzaak van de afnemende groei zit niet zozeer aan de vraagzijde maar nog steeds aan de aanbodzijde. Veel ondernemingen in de industrie hebben te kampen met tekorten aan personeel en materialen als gevolg van ontregelde toeleveringsketens. Voeg hierbij de oorlog in Oekraïne en de lockdowns in China en het is duidelijk waarom inkopers minder positief zijn dan de maand ervoor.
Ondernemers in de industrie zijn op basis van hun ervaringen in de eerste 5 maanden in 2022 positief gestemd ten aanzien van hun investeringsplannen voor dit jaar. Gemiddeld gaat het om een stijging in de investering in vaste activa van bijna 20%. De metaalsector is echter veel minder optimistisch gestemd over de investeringen die ze dit jaar verwachten. Op basis van de eerste 5 maanden van dit jaar komt de verwachte groei uit op slechts 2%. Waarschijnlijk is deze bescheiden groei te wijten aan de huidige situatie op de arbeidsmarkt en speelt ook het grote tekort aan materieel een belangrijke rol. Ondernemers in de metaalindustrie lopen al lang tegen de grenzen van hun productiecapaciteit aan en zijn daardoor realistischer in hun verwachtingen.
Het is voor veel ondernemers iets wat ze dagelijks aan den lijve ondervinden: schaarste aan materieel met alle gevolgen van dien. Zo zijn de prijzen van bijna alle grondstoffen ‘door het dak gegaan’ en kunnen orders niet aangenomen worden. Deze ontwikkeling wordt duidelijk in het COEN (conjunctuurenquête) onderzoek dat MKB-Nederland en VNO-NCW in samenwerking met het CBS heeft uitgevoerd. Uit dit onderzoek blijkt dat de vooral de producenten in de industrie en bouwnijverheid hier last van hebben. 34% van de producenten in de industrie en 23% van de ondernemingen in de bouwnijverheid geven aan dat deze situatie hun productieprocessen ernstig verstoren.
De hoge olieprijzen zijn de belangrijkste oorzaak van de gestegen omzet in de industrie in het eerste kwartaal van 2022. Ten opzichte van de omzet in het eerste kwartaal in 2021 is er een stijging van 25,4%. Deze sterke stijging is voor een groot deel toe te schrijven aan de direct aan olie gerelateerde industrie (47,9%), maar ook andere sectoren vertonen een substantiële omzetstijging. Zo laat de metaalsector een stijging van 29,7% zien. De waarde van de omzetstijging is moeilijk in te schatten. De vraag is in hoeverre de sterk gestegen kosten voor energie en grondstoffen goed doorbelast kunnen worden waardoor bedrijven een gezond rendement kunnen maken.
Nederland staat voor grote uitdagingen bij het realiseren van klimaatdoelstellingen. Om de doelstellingen te realiseren is er een grote behoefte aan technische vakmensen die zorgdragen voor de aanleg van zonneparken, het bouwen van windmolens en het ombouwen van allerlei machines zodat deze op een milieuvriendelijker wijze functioneren. Het grote tekort aan vakmensen bedreigt echter het realiseren van de doelstellingen en heeft er nu zelfs toe geleid dat Doekle Terpstra, voorzitter van Techniek Nederland, de optie om gebruik te maken van arbeidsmigranten als (deel)oplossing voor de korte termijn heeft voorgesteld. Dit voorstel is des te opmerkelijker omdat dezelfde Doekle Terpstra nog niet zo heel lang geleden de inzet van arbeidsmigranten geen oplossing vond vanwege de grote misstanden die gemeld werden rondom de inzet van arbeidsmigranten.
Nederland heeft te maken met grote uitdagingen met betrekking tot transities op het gebied van energie, digitalisering en woningbouw. Het kabinet heeft hiervoor grote plannen, maar deze dreigen te gaan mislukken door dalende aanwas in het technisch onderwijs. Uit De Monitor Techniekpact wordt duidelijk dat de dalende trend onder jongeren om te kiezen voor een schoolopleiding in het voortgezet onderwijs met een technisch profiel nog steeds doorzet. Deze ontwikkeling is een serieuze bedreiging voor de diverse transities aangezien 80% van de banen nodig zijn om de doelen te realiseren een technisch profiel vereisen. De oorzaak van de terugloop is voor een deel te verklaren door de totale afname van leerlingen maar ook door een (verdere) verschuiving naar niet-technische profielen.
Zoals bekend is staalproductie één van de grootste CO2 vervuilende processen in de industrie. Maar liefst 25% van de totale CO2 uitstoot in Europa wordt veroorzaakt bij de productie van staal. In een poging hier verandering in aan te brengen wordt er op dit moment in Zweden een staalfabriek gebouwd die vanaf 2025 groen staal gaat produceren. Bij dit proces ligt de CO2 uitstoot maar liefst 95% lager dan bij de traditionele productie van staal. Dat de behoeft aan groen staal groot is, blijkt wel uit het feit dat nu al 1,5 miljoen ton groen staal verkocht is terwijl de fabriek nog in aanbouw is. Bekende bedrijven als BMW, Mercedes-Benz, Scania en de BE Group hebben inmiddels leveringsovereenkomsten met de producent gesloten om aan hun milieudoelstellingen in de nabije toekomst te kunnen voldoen.
De afzetprijzen van de Nederlandse industrie zijn in de maand maart 2022 vergeleken met de afzetprijzen van een jaar eerder gestegen met een recordpercentage: 25,9%. Nog nooit sinds de registratie zijn de afzetprijzen zo sterk gestegen. Wanneer we de prijsstijging van maart vergelijken met de maand februari dan is er sprake van een toename met 5,3 %.
De oorzaak van de stijging zit in de sterk gestegen energieprijzen, maar voor een deel ook in de situatie in de Oekraïne. Hoewel het interessant lijkt dat de afzetprijzen sterk zijn gestegen, is het echter de vraag of hiermee de sterk toegenomen kosten voor de industrie voldoende worden afgedekt. Zeker voor producten waar prijsafspraken voor zijn gemaakt die langer geleden zijn vastgelegd, is het maar de vraag of het resultaat positief uitvalt.
Lees verder
In een recent gepubliceerd rapport van Techniekpact blijkt dat het overgrote deel van de vrouwen met een technische opleiding uiteindelijk niet in de techniek aan het werk is. Zo’n 78% heeft na een technische opleiding niet gekozen voor een baan in de techniek of is later uitgestroomd. Met de wetenschap dat er in veel branches in de techniek een groot tekort is aan geschoold personeel is het van groot belang om dit potentieel aan vakmensen voor de techniek te behouden. Wetenschappelijk onderzoek heeft duidelijk gemaakt dat er verschillende redenen voor zijn dat vrouwen niet in de techniek terechtkomen, genderbias is er daar één van. Vrouwen moeten zich ten opzichte van hun mannelijke collega’s extra bewijzen om respect en erkenning te krijgen. Er is een algemeen beeld dat vrouwen minder competent zijn omdat ze niet aan de stereotype standaard voldoen. Ook worden ze in hun gedrag anders beoordeeld dan mannen. Dit uit zich in onder andere in verwijten dat ze te ‘agressief communiceren’ en aan de andere kant weer als ‘te zacht’ worden beoordeeld.
Na een afname in de afgelopen 4 maanden is het producentenvertrouwen in de industrie in april weer toegenomen. Was het vertrouwen in maart nog 8,7, in april kwam het producentenvertrouwen uit op 10,8. Dit cijfer blijft nog altijd ver boven het langjarige gemiddelde van 0,9. Belangrijke impuls voor het toegenomen vertrouwen is het oordeel over de verwachte bedrijvigheid in de industrie. Wanneer we kijken naar de ontwikkeling van het producentenvertrouwen in de verschillende branches valt op dat de toename bij de producenten in de metaal percentueel het sterkst gestegen is.
